Officiele publicatie

Regeling vertrouwenspersoon RUD Zuid-Limburg

Het Dagelijks bestuur van de RUD Zuid-Limburg,

besluit:

  • gelet op artikel 57b van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
  • gelet op de Klachtenregeling ongewenst gedrag; en
  • de Regeling melding vermoeden misstand;
  • na instemming van de Bijzondere Ondernemingsraad d.d. 2 februari 2016, aangevuld d.d. 19 mei 2016;

tot het vaststellen van de navolgende

Regeling vertrouwenspersoon RUD Zuid-Limburg

Artikel 1 Begripsomschrijving

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

werkgever:

Het Dagelijks Bestuur van de RUD Zuid-Limburg

medewerker:

De werknemer met een aanstelling of arbeidsovereenkomst naar Burgerlijk Recht bij de RUD Zuid-Limburg op grond van artikel 1:1 lid 1 sub a van de CAR-UWO.

vertrouwenspersoon:

Persoon die als aanspreekpunt optreedt voor medewerkers die geconfronteerd worden of zijn met (seksuele) intimidatie, discriminatie, pesterij, agressie en/of geweld, of een melding doen in verband met de regeling melding vermoeden misstand en hen ondersteunt en begeleidt.

psychosociale arbeidsbelasting:

De factoren die direct of indirect onderscheid met inbegrip van seksuele intimidatie, agressie en geweld, pesten en werkdruk, in de arbeidssituatie die stress teweeg brengt.

melder:

De persoon, niet zijnde een politiek ambtsdrager van de RUD Zuid-Limburg, die werkzaam is of werkzaam is geweest in de organisatie van de RUD Zuid-Limburg en een melding over psychosociale arbeidsbelasting indient.

Behalve de eigen medewerkers kunnen ook uitzendkrachten, detacheringskrachten, stagiaires en andere personen die werkzaamheden verrichten of hebben verricht ten behoeve van deze organisatie een klacht indienen wegens ongewenst gedrag.

aangeklaagde:

Een persoon, niet zijnde een politiek ambtsdrager van de RUD Zuid-Limburg, die werkzaam is of is geweest in deze organisatie en over wiens gedrag melding wordt gemaakt.

melding:

Een door de melder ondertekend en van naam- en adresgegevens voorzien geschrift waarin het jegens hem ongewenste psychosociale arbeidsbelasting waarop de melding betrekking heeft, is omschreven.

klokkenluiden:

Een melding in het kader van de regeling melding vermoeden misstand, gericht op het voorkomen van schending van de gedragscode.

Artikel 2 De vertrouwenspersoon

Lid 1

De werkgever en de ondernemingsraad dragen één of meer personen als vertrouwenspersoon voor.

(in- en/of extern).

Lid 2

De werkgever wijst, na instemming van de ondernemingsraad, één of meer personen (in- en/of extern) aan als vertrouwenspersoon, bij voorkeur een man en een vrouw.

Lid 3

Iedere medewerker heeft het recht zich tot een vertrouwenspersoon te wenden.

Lid 4

De interne vertrouwenspersoon die taken op basis van deze regeling verricht mag om die reden niet worden ontslagen of anderszins in deze positie binnen de RUD Zuid-Limburg benadeeld worden.

Artikel 3 Taken vertrouwenspersoon

Lid 1

De vertrouwenspersoon heeft als taken:

  • a.
    de melder op te vangen met meldingen over psychosociale arbeidsbelasting ;
  • b.
    door bemiddeling te trachten tot een oplossing van de gesignaleerde problemen te komen indien de aanklager daarin toestemt;
  • c.
    de melder te ondersteunen, op zijn verzoek, bij het indienen van een klacht bij de klachtencommissie en de begeleiding in het traject dat daarop volgt;
  • d.
    voor zover nodig en gewenst, de melder of aangeklaagde te verwijzen naar gespecialiseerde hulpverleningsinstanties;
  • e.
    het registreren van de aard en de omvang van de meldingen;
  • f.
    het gevraagd en ongevraagd adviseren van de werkgever over het beleid inzake psychosociale arbeidsbelasting ;
  • g.
    het signaleren van de behoefte aan voorlichting over psychosociale arbeidsbelasting;
  • h.
    ondersteuning bij een melding in het kader van de regeling melding vermoeden misstand.

Lid 2

Bovenstaande taken of onderwerpen kunnen verdeeld worden over verschillende vertrouwenspersonen.

Artikel 4 Werkwijze en bevoegdheden van de vertrouwenspersoon

Lid 1

De vertrouwenspersoon onderneemt alleen actie naar aanleiding van een melding indien de melder daarmee instemt.

Lid 2

De vertrouwenspersoon is bevoegd informatie in te winnen bij de betrokkenen en/of getuigen (na toestemming van de melder ). De vertrouwenspersoon neemt daartoe de grootst mogelijke zorgvuldigheid in acht ter bescherming van de privacy en andere belangen van de betrokkenen.

Lid 3

De vertrouwenspersoon is verplicht tot geheimhouding van hetgeen in verband met de werkzaamheden in de functie van vertrouwenspersoon ter kennis wordt gebracht.

Lid 4

In voorkomende gevallen kan de vertrouwenspersoon externe deskundigen raadplegen. In het geval dat hier kosten aan verbonden zijn, dient de werkgever vooraf in te stemmen met een dergelijk consult.

Lid 5

Personen die met betrekking tot een melding aangaande psychosociale arbeidsbelasting of bij een melding in het kader van de regeling melding vermoeden misstand door de vertrouwenspersoon worden benaderd, zijn verplicht tot geheimhouding en worden hierop gewezen door de vertrouwenspersoon.

Lid 6

De vertrouwenspersoon kan aan de werkgever signalen afgeven over knelpunten in de uitvoering van het beleid ter voorkoming en bestrijding van psychosociale arbeidsbelasting en/of schending van de gedragscode.

Artikel 5 Faciliteiten vertrouwenspersonen

Lid 1

De (interne) vertrouwenspersoon kan binnen de eigen aanstellingsuren de taken zoals bedoeld in artikel 3 uitoefenen.

Lid 2

Als er vertrouwelijke gesprekken gevoerd moeten worden, kan de vertrouwenspersoon beschikken over een spreekkamer.

Artikel 6 Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan de werkgever een bijzondere voorziening treffen.

Artikel 7 Citeertitel en inwerkingtreding

Lid 1

Deze regeling kan worden aangehaald als de “Regeling vertrouwenspersoon RUD Zuid-Limburg”.

Lid 2

Deze regeling treedt in werking op een door het Dagelijks Bestuur nader te bepalen tijdstip.

Vastgesteld in de vergadering van het Dagelijks Bestuur d.d. 10 juni 2016

De secretaris, De voorzitter,

Vertrouwenspersoon bij de RUD Zuid-Limburg

Voor de medewerker die niet bij zijn leidinggevende of een collega terecht kan of wil met een kwestie als bedoeld in de regeling vertrouwenspersoon RUD Zuid-Limburg of de regeling melding vermoeden misstand van de RUD Zuid-Limburg is er bij de RUD Zuid-Limburg sprake van een of twee vertrouwensperso(o)n(en). Een vertrouwenspersoon behandelt het besprokene of de melding strikt vertrouwelijk. De vertrouwenspersoon kan de medewerker zelf adviseren of er voor zorgen dat de melding op de juiste plaats terecht komt.

In alle regelingen is opgenomen dat degene die een integriteitschending meldt, hier op geen enkele wijze nadeel van mag ondervinden. De melding heeft geen gevolgen voor bijvoorbeeld de functie of promotiekansen. De enige uitzondering op deze regel is dat een medewerker niet willens en wetens een persoon vals mag beschuldigen of in diskrediet mag brengen of bewust schade aan de organisatie toebrengt als gevolg van een melding, waarvan hij weet dat die niet op waarheid berust.