Terug
Snelzoeken

Officiele publicatie

Eerste wijziging van de CAR-UWO RUD Zuid-Limburg

2018/76730

HET DAGELIJKS BESTUUR VAN DE RUD ZUID-LIMBURG

BESLUIT:

- gelet op de LOGA-brief TAZ/U201800473, Lbr. 18/042 van 24 juli 2018 betreffende een uitwerking cao-afspraak gelijke beloning artikel 3:2a CAR per 1 oktober 2018. 

tot het vaststellen van de Eerste wijziging van de CAR-UWO van de RUD Zuid-Limburg

Artikel I 

Aan artikel 1:1 lid 1 wordt na onderdeel ww een nieuw onderdeel toegevoegd:

payroll werkgever / werknemer : de werkgever, die op basis van een overeenkomst met de werkgever, welke niet tot stand is gekomen in het kader van het samenbrengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, een werknemer ter beschikking stelt om in opdracht en onder toezicht en leiding van de werkgever arbeid te verrichten, waarbij de werkgever die de werknemer ter beschikking stelt alleen met toestemming van die werkgever gerechtigd is de werknemer aan een ander ter beschikking te stellen.

Artikel II 

Aan artikel 1:1 lid 1 wordt na onderdeel XX een nieuw onderdeel toegevoegd:

Inlenersbeloning : de wettelijk verplichte beloningselementen benoemd in de cao van de payroll werkgever, die van toepassing is op de arbeidsovereenkomst met een payroll werknemer en corresponderen met de beloningselementen in de CAR-UWO van een ambtenaar in dienst van de werkgever werkzaam in een gelijke of gelijkwaardige functie.

Artikel III

Artikel 3:2a wordt toegevoegd en komt te luiden:

Artikel 3:2a Inleenvoorschrift gelijke beloning payrolling

  • 1.
    De werkgever spreekt schriftelijk met de payroll werkgever af dat de totale beloning van de payroll werknemer vanaf de eerste werkdag van de ter beschikkingstelling bij de werkgever vergelijkbaar is met de totale beloning van de ambtenaar, die een gelijke of gelijkwaardige functie vervult onder dezelfde of vergelijkbare omstandigheden.
  • 2.
    De totale beloning wordt bij de ter beschikkingstelling van de payroll werknemer vastgesteld. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder de totale beloning naast de wettelijk verplichte loonbestanddelen in de inlenersbeloning, in ieder geval verstaan:
    a. de beloningselementen van het IKB bedoeld in artikel 3:28 lid 2 onderdeel b en 3:28 lid 2 onderdeel c; en
    b. de werkgeverspremie ouderdomspensioen (OP) / nabestaandenpensioen (NP) en arbeidsongeschiktheidspensioen (AAOP) van het ABP.
  • 3.
    Als de gelijke of gelijkwaardige beloningselementen niet volledig onderdeel uitmaken van de totale beloning aan de payroll werknemer die een gelijke of geliujkwaatrdige functie vervult, dan spreekt de werkgever schriftelijk met de payroll werkgever af dat de payroll werknemer een toelage ter compensatie ontvangt.
  • 4.
    De toelage ter compensatie van de beloningselelemten wordt uitgedrukt in een percentage van het salaris van de payroll werknemer en is niet pensioengevend. De toelage is gelijk aan het verschil tussen :
    a. de hoogte van gelijke of gelijkwaardige beloningselementen in lid 2 onderdeel a die de payroll werknemer per maand opbouwt of ontvangt, en
    b. de hoogte van de beloningselementen in lid 2 onderdeel a die een ambtenaar per maand opbouwt of ontvangt.
  • 5.
    Als de payroll werknemer geen deelnemer is bij het ABP, dan spreekt het de werkgever schriftelijk met de payroll werkgever af dat de payroll werknemer vanaf de eerste werkdag pensioen opbouwt volgens de Plus-regeling bij de STIPP vermeerderd met een toelage. De toelage ter compensatie van het verschil in pensioenopbouw met het ABP bedraagt 7% van het salaris. De hoogte van de toelage kan jaarlijks worden bijgesteld.
  • 6.
    De werkgever verstrekt de payroll werkgever schriftelijk alle informatie en middelen, waaronder de Matrix flexibiliteit en zekerheid, die nodig zijn om de totale beloning en eventuele toelage correct vast te stellen. De payroll werkgever informeert vervolgens bij aanvang van de ter beschikkingstelling de payroll werkner schriftelijk als de payroll werknemer een toelage krijgt uitbetaald. De werkgever vergewist dan bij de payroll werkgever of de payroll werknemer de correcte toelage ontvangt.

Artikel IV

De Eerste wijziging van de CAR-UWO van de RUD Zuid-Limburg treedt in werking per 1 januari 2019 met terugwerkende kracht tot 1 oktober 2018, na bekendmaking.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van 14 november 2018

  

De secretaris, De voorzitter,

L.M. Kobes R.J.H. Vlecken